Onderweg naar Santiago de Compostella

Onderweg Frans Bergmans

Moed, hoop en doorzettingsvermogen

Pelgrimstochten zijn wellicht zo oud als de mens zelf.
Mensen waren en zijn altijd onderweg naar een doel dat hen één zal maken met het aardse, de natuur, het goddelijke, het “zijn”.
De een doet dit figuurlijk, in geestelijke zin.
De ander doet dit letterlijk: daadwerkelijk in een tocht die ook alles in zich herbergt: heuvels en dalen, zon en regen, warmte en kou, honger en dorst, vriendschap en afwijzing.
Kortom: een levens-tocht, die iemand terugbrengt tot zijn eigen leven, zijn eigen ik, zijn eigen “zijn”.

Voor alle pelgrimstochten geldt dat men moed, hoop en doorzettingsvermogen nodig heeft.
Moed om de tocht te ondernemen met alle risico’s daaraan verbonden.
Hoop op dagelijks terugkerende nieuwe en waardevolle ervaringen.
Doorzettingsvermogen om deze, ook innerlijke, tocht te kunnen volbrengen.

‘s-Hertogenbosch, 12 oktober 1990.
J.Bluyssen,
voormalig bisschop van ‘s-Hertogenbosch

Hierboven staat het eerste deel van het voorwoord dat Jan Bluyssen, bisschop van ‘s-Hertogenbosch (1966-1984) schreef in het reisverslag van Ignaas Brekelmans, de Brabantse Pelgrim.
Ignaas liep in 1990 van Vlijmen naar Santiago de Compostella samen met Saartje, zijn ezelin.

De Barbantse Pelgrim

Kennismaking met pelgrimeren

Het bovenstaande reisverslag  was samen met het verslag van
Herman Vuijsje “Pelgrim zonder God” het eerste wat ik over pelgrimeren naar Santiago las.

Liep Ignaas Brekelmans, met de zegen van de bisschop, van zijn woonhuis naar Santiago, Herman Vuijsje deed dat anders.
Als atheïst en individualist verkoos hij de tocht alleen en in omgekeerde richting te maken: van Santiago de Compostela terug naar Amsterdam.

Tot op de dag van vandaag twijfel ik nog welke keuze ik de mooiste vind.
Mijn eigen pelgrimstocht naar Santiago kun je zien als een kruising tussen de tochten van deze illustere voorgangers.
Ik was steeds onderweg met mijn neus in de richting van Santiago, maar maakte etappes vanaf Santiago terug naar Drunen.
Samen met Corry in 2016 te voet van Pamplona naar Santiago.
In mijn eentje in 2019 te voet van Lourdes naar Pamplona.
In 2021 samen met Corry op de fiets van Drunen naar Vézelay en later alleen verder naar Lourdes.
Deze drie tochten waren ieder op zich onvergetelijk, maar door het verschil van uitvoering ook heel verschillend in beleving.
Ik had geen van de tochten willen misen en zou ze ook nu nog niet anders doen, iedere tocht was precies wat we op dat moment nodig hadden.

Kennismaking met pelgrims

Geboren in een bedevaartsoord, Maria-bedevaartplaats Elshout, was ik al vroeg bij pelgrimeren betrokken. Bij scouting assiteerden we bij processies en om onze kas te spekken verkochten we vlagjes en stalden fietsen tegen betaling bij de parachiekerk. Eind jaren vijfti en begin jaren zestig van de vorige eeuw was dat een winstgevende bezigheid.

De oudste pessonlijke herinnering aanpelgrims heb ik overgehouden van drie tienermeisjes die vanuit Waalwijk op de fiets naar Elshout ware gekomen.
Ik zie nog de verbijstering in hun ogen toen wij een dubbeltje per fiets vroegen om er tijdens de mis op te passen. Die blik heb ik in latere pelgrimstochten ook wel gezien.

De laatste jaren onderweg hebben we veel pelgrims ontmoet.
Soms moet je wel eens tot tien tellen voordat je reageert, soms tob je een tijdje mee met de heftige verhalen die je hoort, soms kun je jezelf ergeren, soms heb je samen plezier.
Als je onderweg gaat zul je versteld staan van de verschillende soorten pelgrims. Oud en jong, prettig en vervelend, beschaafd en onbeschoft, meelvend en egoïstisch, het lijken net mensen.

Eerlijk is eerlijk, ik ben ook niet heilig en moet iets bekennen;
“Ik ben allergisch voor ECHTE pelgrims”.

Onderweg zijn

Als pelgrimeren is het onderweg zijn met moed, hoop en doorzettingsvermogen pelgrimeer ik al vijfenzeventig jaar.

Onderweg zijn in het leven, dat is pas een bedevaart, indat licht is pelgrimeren, hiken en zwerven een pleziertje, een vakantie.
Zo benader ik pelgrimeren, zo leer ik dat ook als wandeltrainer.

Je bent bevoorrecht als je wekenlang van huis kunt gaan om een pelgrimstocht te maken, als je de tijd hebt, als je het geld hebt.

Zo hebben wij onze tochten ervaren, als mensen die het geluk hebben te kunnen doen wat wij deden, niet als mensen die zich onderweg boven exponentiëel verbeterden of groeiden.

Wij zijn in ons leven steeds onderweg geweest met moed, hoop en doorzettinsgvermogen. Wij wensen eenieder zo’n levensweg.

Onderweg naar Santiago

Onze tocht naar Santiago begon in 2015.
Als cadeau aan elkaar bij gelegenheid van onze Gouden Bruiloft liepen we in zeven weken van Paplona naar Santiago de Compostella.
We namen ruim de tijd, dat was ook nodig, want we waren niet in de beste conditie. Het jaar 2015 had een zware wissel getrokken op ons leven.
We hebben genoten, we zijn helemaal fit en fris teruggekomen.
Er zijn aantekeningen, maar van een mooi verslag is het nog niet gekomen.
Ik heb mezelf belooft dat nog ooit te maken.

Het verslag van 2019, te voet van Lourdes naar Pamplona, lees je hier.
Het was puur genieten en leren wat leuk is en wat niet. Tenminste, wat ik leuk vind en wat niet.

In 2021 fietsen we samen naar Vézelay. We hadden afgesproken daar te beslissen hoe verder. Corry was tevreden en wilde naar huis, ik was tevreden en wilde verder. Zo geschiede het ook. Lees hier het verslag.

Corry onderweg
Frans Onderweg